• Organisatie
    • Het ontdekverhaal
    • Team
    • Veiligheid
    • Blosse
  • Omgaan met elkaar
    • Kanjertraining
    • Pestprotocol
    • Privacy
  • Documentatie
    • School-/ kindcentrumgids (pdf)
    • Oudertevredenheid
    • Kindcentrumplan 2021-2025
  • Tijden
    • School- en opvangtijden
    • Vakanties en vrije dagen
  • Gezond kindcentrum
  • Contact
  • Werkwijze
    • Werkwijze groep 1-8
    • Passend onderwijs
    • Digitale hulpmiddelen
    • Begeleiding naar het VO
  • Bibliotheek
  • Bewegingsonderwijs
  • Cultuur
  • Muziek
  • Medezeggenschapsraad
  • Ouderraad
  • Kindcentrumraad/MR
  • Blosseraad
  • Oud Papier
  • Kinderdagverblijf
  • Peuteropvang
  • Buitenschoolse opvang
  • Groep 1/2 | Blauwe kring
  • Groep 3/4 | Gele Kring
  • Groep 5/6
  • Groep 7/8
  • Kennismaken!
  • Ontvang onze nieuwsbrief

Ontwikkelingsgericht Onderwijs (OGO)


Werkwijze onderbouw

 

Thematiseren

Samen met kinderen creëren we een samenhangend thematisch aanbod waarbinnen kinderen in betekenisvolle activiteiten spelen en werken. Leerkrachten zorgen dat er een verband is tussen inhouden en activiteiten, zodat kinderen hun handelen steeds beter kunnen plaatsen in een brede inhoudelijke, maatschappelijke context. De winst daarvan is dat leerervaringen dieper zijn en bijvoorbeeld woordenschatontwikkeling verbonden aan een betekenisvol thema leidt tot echte begripsvorming. Binnen het ontwikkelingsgericht werken noemen we dit de 3 B's:

  • Zorgen voor Betekenisvolle activiteiten;
  • De leerkracht zet een Bemiddelende rol in;
  • We richten ons op de Brede bedoelingen van het onderwijs. 

Werken met een thema

In de onderbouwgroepen heeft een thema altijd een directe link met de leefwereld van de kinderen. De actualiteit in hun wereld is vaak aanleiding voor een thema.

Zo kunnen gebeurtenissen in de groep aanleiding zijn voor een thema. Denk aan "het wisselen hun melktanden" of "de juf gaat trouwen". Ook gebeurtenissen in de omgeving of de natuur en cultuur in de buurt van de school kunnen ingangen zijn voor een thema. Zo kan een thema "kleine beestjes in de sloot" of "er wordt een nieuw huis gebouwd" ontstaan. Jaarlijks terugkerende feesten zoals de decemberfeesten of dierendag kunnen leiden tot een thema, net als prentenboeken en verhalen. Een enkele keer is de actualiteit verder weg geschikt om een thema aan te verbinden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de troonswisseling.

 

Wanneer is een thema geschikt?

De leerkracht let daarvoor op de volgende elementen:

Spreekt het de kinderen aan? Past het in hun wereld of maakt het ze nieuwsgierig naar iets nieuws? Gaat het in op hun interesses, ervaringen en kennis?
Is het rijk genoeg om voldoende concrete inhouden en deelthema’s op te leveren?
Is er voldoende diepgang in mogelijk?
Biedt het voldoende mogelijkheden om met echte materialen te handelen, te spelen?
Is er onderzoek mogelijk in en naar de echte wereld, waardoor de kinderen dicht bij het thema kunnen komen? Waardoor kinderen (vak)rollen die bij het thema horen zelf kunnen gaan vervullen?

 


Het onderwijs in de bovenbouw

 

Werken met verantwoorde themakeuzes door het jaar heen

We kiezen thema’s met relevante inhouden. Dit houdt in dat de thema's vanuit verschillende perspectieven te bekijken zijn. De thema's moeten prikkelend en uitdagend voor de kinderen zijn. Het thema moet raakvlakken hebben met het leven buiten de school, zodat we ook echte kwesties aan de orde kunnen stellen. Alleen dan komt "leren voor het leven" tot zijn recht.

Waar we in de onderbouw nog zoeken naar thema's die passen bij de belevingswereld van de kinderen, zoeken we in de bovenbouw naar thema's die ook iets verder gaan. "Het is ook de taak van het onderwijs om kinderen uit hun belevingswereld te voeren en grotere verbanden, onderliggende principes en andere visies te laten zien." (Hoogleraar pedagogiek Gert Biesta)

Daarnaast vinden wij het belangrijk dat er binnen een thema voldoende mogelijkheden zijn om activiteiten te doen waarbij de leerlingen kunnen werken aan zowel de brede bedoelingen als de specifieke vaardigheden (kerndoelen opgesteld door het ministerie).

 

De volgende vakken worden binnen het thema aangeboden

Taal en lezen, voortgezet (technisch) lezen, begrijpend lezen, (voorbereidend) schrijven, wereld oriënterende vakken, verkeer, wetenschap en techniek, studievaardigheden, onderzoeksvaardigheden, muziek, tekenen, handvaardigheid en textiele werkvormen.

 

 

 


Stappen in het thematiseren

 

Stap 1. Voorbereiding

De leerkrachten denken vooraf na over de volgende zaken:

  • Is dit thema actueel, ligt het in de belevingswereld van de kinderen?
  • Kan ik voldoende inhoud (kennis en vaardigheden) in dit thema leggen?
  • In de onderbouw: welke themahoek kunnen we maken om binnen dit thema te kunnen spelen en onderzoeken?
  • In de bovenbouw: welke onderzoeksactiviteiten kunnen we hieraan verbinden?
  • Met welke pakkende startactiviteiten kunnen we het thema starten?

 

Stap 2. Oriëntatiefase, starten met de kinderen

Dan start het thema in de klas. De leerkracht doet een aantal startactiviteiten waarbij de voorkennis van de kinderen wordt gepeild. Doel van deze activiteiten is ook het enthousiasme en de nieuwsgierigheid bij de kinderen aan te wakkeren. Leerkrachten en kinderen oriënteren zich op het thema, "wat weten we er al van en wat willen we nog meer weten?"           

Het thema wordt langzaam zichtbaar in de klas. Er ontstaan (speel)hoeken, de start van  zogenaamde sociaal-culturele praktijken.

 

Stap 3. Verdieping,  spelen, onderzoeken en werken rond het thema

In deze fase bepalen we met elkaar "wat de kinderen worden" tijdens dit thema. Van hieruit ontstaat een sociaal-culturele praktijk, een stukje van de echte wereld dat we binnen het kindcentrum nabootsen om zo steeds meer over de wereld te ontdekken.

We werken met individuele kinderen, kleine groepjes, duo’s of de hele groep. Activiteiten ontstaan vanuit initiatieven van kinderen of door inbreng van de leerkracht, soms verplicht en soms met keuzevrijheid voor de kinderen.                      

We zetten specifieke werkvormen in, zoals: woordveld maken, vragen formuleren, werken met (prenten)boek, verteltafel, informatiehoek, experimenteren met materialen.

Regelmatig reflecteren we met kinderen op processen en producten.

 

Stap 4. Afsluiting van het thema.

Het thema wordt afgesloten binnen de sociaal-culturele praktijk. Dit kan op verschillende manieren gebeuren. Soms worden ouders of andere belangstellenden uitgenodigd voor een presentatie of bezoek aan de sociaal-culturele prakijk. Soms is de presentatie of sociaal-culturele praktijk meer geschikt voor kinderen uit andere groepen. Het kan ook dat het thema eindigt met een "eindproduct" zoals een boek. Dat boek wordt natuurlijk ook voorgelezen aan de doelgroep waarvoor het is geschreven.

In de groep reflecteren kinderen en leerkrachten op het thema. Wat hebben we geleerd en welke doelen hebben we gehaald? De leerkracht noteert welke doelen hij/zij meeneemt naar het volgende thema. Dan begint het hele proces weer opnieuw.

 

 


Overige vakken

 

Hierboven heb je al kunnen lezen dat het taalonderwijs (lezen, schrijven, spreken en luisteren) gebeurt binnen de thema's. Ook de wereldoriëntatie (geschiedenis, aardrijkskunde, biologie, techniek) en creatieve vakken komen geïntegreerd aan bod binnen een thema. Hieronder kun je lezen hoe we de andere vakken een plek geven.

Rekenonderwijs

Voor het rekenonderwijs gebruiken we de methodieken van Met Sprongen Vooruit, Rekenwonders en Math. In de methode Rekenwonders wordt het inzicht van de kinderen in de getallenwereld ontwikkeld via rekenkundige thema’s, die ieder jaar terugkomen. Rekenwonders  is gebaseerd op de rekendidactiek in Singapore, waar de focus ligt op wiskundig redeneren en logisch denken.

Met Sprongen Vooruit kenmerkt zich door de reken-wiskundedidactiek vanuit leerlijnen interactief, met veel spel en beweging, aan te bieden.

Math is een digitaal rekenportfolio waarin de leerlijnen van rekenen en wiskunde zijn opgedeeld in verschillende niveaus. Zo houden de kinderen dan hun eigen ontwikkeling ook bij en weten ze precies op welk niveau zij functioneren. Daarnaast maken we ook gebruik van digitale programma's zoals Rekentuin om de stof te automatiseren en in te oefenen Het team volgt jaarlijks scholing om de kwaliteit van het rekenonderwijs te borgen en verder te verbeteren.

 

Schrijfonderwijs

We leren de kinderen het blokschrift aan m.b.v. de methode 'Schrijven leer je zo'. Het inoefenen van een goed handschrift gebeurt voornamelijk binnen de thema’s. Zo leren de kinderen allerlei verschillende soorten teksten schrijven: een samenvatting, een verhaal, een beschrijving, een verslag of een betoog bijvoorbeeld.

 

Engels

Voor het vak Engels gebruiken we in groep 7 en 8 onder andere de methode Take it Easy. In de lagere groepen maken de kinderen kennis met Engels d.m.v. liedjes en Engelse prentenboeken. In groep 7-8 is het lezen van Engelse boeken en tijdschriften een vast onderdeel op het lesprogramma.

Binnen elk thema kijken we hoe we Engels kunnen integreren. Voorbeelden hiervan zijn het vertalen van de themawoorden in het Engels, Engels liedjes zingen en vertalen, het lezen van een Engelse thematekst met de Nederlandse tekst ernaast en het opzoeken van informatie d.m.v. Engelstalige teksten of filmpjes op internet.

Bewegingsonderwijs

Groep 1-2 heeft dagelijks bewegingsonderwijs. Dit kan zijn buitenspel, binnen met gymmateriaal, kleuterdansen e.d.. 

Groep 3 t/m 8 heeft 1x per week bewegingsonderwijs in de sportzaal van landgoed Willibrordus. Daarnaast wordt er dagelijks buiten gespeeld.

De kinderen van groep 3-8 fietsen onder leiding van leerkracht en ouder(s) naar de sportzaal en terug. In de zomermaanden wordt bij goed weer buiten gegymd.

We werken volgens de methode “Basislessen bewegingsonderwijs” voor groep 1 t/m 8.

 

Leren plannen en organiseren

Leren je werk te plannen en organiseren is een belangrijke vaardigheid voor de toekomst. Op school besteden we hieraan veel aandacht binnen onze thematische werkwijze.

Ook werken we met het “kruisjesbord”, een weektaak waarmee kinderen zelfstandig leren om bepaalde taken te plannen, uitvoeren en nakijken. Daarnaast krijgen de kinderen, waar van toegevoegde waarde, huiswerk mee om het plannen en organiseren in de praktijk te kunnen brengen en verder te oefenen. Ouders en school werken samen in de begeleiding van de kinderen bij het huiswerk.
Het huiswerk betreft vaak stof om extra te oefenen. Daarnaast krijgen de kinderen vanaf groep 6 structureel huiswerk, zoals regelmatig een topografie-opdracht en in groep 7/8 een reken- en taalopdracht. Dit laatste gebeurt om de kinderen alvast kennis te laten maken met het fenomeen 'huiswerk' en ze te leren hun tijd daarvoor in te delen. De groepsleerkrachten begeleiden dit door regelmatig de wijze waarop het huiswerk gemaakt kan worden te bespreken.

Contact


Kindcentrum De Ontdekkers

De Hucht 6

1851 ZC Heiloo

072 5339815

Facebook

 

Aangesloten bij:


Blosse

Bekijk alle Blosse opvangvormen

 

Ook een leuke baan in opvang of onderwijs?


Kijk eens op www.werkenbijblosse.nl

Locatie


 

Kennismaken


Nieuw in de buurt? Kom gerust eens langs voor een nadere kennismaking!

Informatie voor nieuwe bewoners Zuiderloo

Onderwijstijden


ma, di, do, vr: 8:30 - 14:30 uur

                wo: 8:30 - 12:00 uur

 

Opvangtijden


ma, di, wo, do, vr:

Kinderopvang: 7.30-18.30 uur

Peuterspeelzaal: 8.30-12.00 uur

Peuteropvang:  7.30-18.30 uur

Buitenschoolse opvang: 

7.30-8.30 uur en 14.30-18.30 uur

Snel naar:


  • Kinderopvang in Heiloo
  • Peuteropvang in Heiloo
  • Peuterspeelzaal in Heiloo
  • Buitenschoolse opvang in Heiloo
  • De basisschool in Heiloo
  • Ons onderwijs in de praktijk
  • OGO groepsorganisatie
  • Verlof aanvragen
  • Schoolgids
  • Schoolondersteuningsprofiel
  • Kindcentrumplan

 

Zoeken in de site


 

Copyright 2023 - De Ontdekkers
Inloggen | Ziber Education - Ziber Kwieb, de handige schoolapp | Ziber - Mobiele website met CMS | SdH Vormgeving - /Team4School - Creatieve professionals